zondag 3 maart 2013

Vasten-blog 19

Zondag 3 maart 2013: derde zondag van de veertigdagentijd
DE BERG OP

Ze gingen de berg op, Jezus met enkele van zijn vrienden… En terwijl Hij aan het bidden was, straalde Hij. Zijn gezicht veranderde…  (Lc. 9, 28-29)
Het moet een uitzonderlijke, goddelijke ervaring voor die leerlingen geweest zijn zodat Petrus voorstelde om het zo te houden en daar te blijven.
De onlangs overleden schilder Roger Raveel drukte dit gevoel schitterend uit in een kort gedicht:
Wit, verblind mij niet
zodat het leven verder gaat
en geen wanhoop
mijn ziel verscheurt.
Terug naar beneden, maar: dan heeft dat toch niet veel zin?
Het doet me denken aan de Kleine Prins en de vos, die hij tam had gemaakt. Het uur van vertrek naderde:
- Ach, zei de vos, ik zal huilen.
- Maar dat is je eigen schuld, zei de kleine prins. Ik had geen kwade bedoelingen in het hoofd,
maar jij wilde dat ik je tam maakte.
- Inderdaad, zei de vos. 
- En nu ga je huilen, zei de kleine prins?
- Ja, zei de vos.             
- Dan heb je er niets mee gewonnen, zei de prins.
- Toch wel, zei de vos: de kleur van het korenveld. Telkens als ik dat zie, zal ik aan je blonde haar kunnen denken en gelukkig zijn.
Vasten is: af en toe de berg opgaan, liefst met je beste vrienden; geraakt worden, aangeraakt worden door verblindend licht en dan weer afdalen naar je werk, naar het gewone leven, naar mekaar. Maar kunnen volhouden, want ze zien dat licht nog in je ogen blinken.
(Uit de homilie van voorganger Marc Dhondt.)

Vasten-blog 18

Zaterdag 2 maart 2013: zestiende dag van de veertigdagentijd

vormelingen en acolieten waren op 24 uren in het Brugse: http://www.sintmaartenkortrijk.be/vormcat/karmel13.htm


Psalm 63
2 God, u bent mijn God, u zoek ik,
naar u smacht mijn ziel,
naar u hunkert mijn lichaam
in een dor en dorstig land, zonder water.
3 In het heiligdom heb ik u gezien,
uw macht en majesteit aanschouwd.
4 Uw liefde is meer dan het leven,
mijn lippen zingen uw lof.
5 U wil ik prijzen, mijn leven lang,
roepend uw naam, de handen geheven.
6 Dan wordt mijn ziel verzadigd met uw overvloed,
jubel ligt op mijn lippen, mijn mond zal u loven.
7 Liggend op mijn bed denk ik aan u,
wakend in de nacht prevel ik uw naam.
8 U bent altijd mijn hulp geweest,
ik juichte in de schaduw van uw vleugels.
9 Ik ben aan u gehecht, met heel mijn ziel,
uw rechterhand houdt mij vast.
10 Laat verzinken in de diepten der aarde
wie mij naar het leven staan,
11 laat ten prooi vallen aan de jakhalzen
wie mij uitleveren aan het zwaard.
12 Maar de koning zal zich verheugen in God,
wie hem trouw zweert, prijst zich gelukkig –
leugenaars wordt de mond gesnoerd.

Hilde Van Sumere
genesis III
"scheiding van licht en duisternis"

Vasten-blog 17

Vrijdag 1 maart 2013: vijftiende dag van de veertigdagentijd


UW VERBOND
God van ons hart, Gij hebt ons verbonden eens en vooral op leven en dood:
Uw leven deelt Gij met ons en onze dood is Uw zorg.
God van ons hart, blijf ons vasthouden als wij U dreigen los te laten,
blijf ons aanvuren als wij de moed verliezen:
dat wij ons staande kunnen houden als bondgenoten van U, zo betrouwbaar als Gij.
Maak ons tot bondgenoten van elkaar: dat we van onze verschillen geen geschillen maken,
maar ons verheugen in onze verscheidenheid, bereid zijn van elkaar te leren en samen te zoeken naar wat er nu te doen is.
Maak ons tot bondgenoten van hen die niets of niemand hebben:
dat wij instaan en opkomen voor iedere mens, veraf en nabij, die het slachtoffer is van onze macht en rijkdom.
Maak ons tot bondgenoten van alles wat stemloos is in Uw schepping:
dat wij eerbiedig en zorgvuldig omgaan met wat in Uw verbond is opgenomen,
de aarde die wij bewonen, de lucht die wij inademen, het water dat ons van dienst is,
het groen dat de aarde siert, de dieren die onze lotgenoten zijn,
zusters en broeders in Uw verbond en niet onze bezittingen.

Uit 'Adem halen. De wereld rond', p. 87.

Vasten-blog 16

Donderdag 28 februari 2013: veertiende dag van de veertigdagentijd

Petrov-Vodkin
moeder Gods van tederheid die kwade harten beroert

Van bidden word je beter
Niet uitdagend om dat te beweren?
Wie bidt, treedt binnen in de spelonk van zijn ziel
en ziet zijn goede en kwade kanten.
Bidden is een beweging van het hart naar het Hart.
Bidden doet ons de hartenklop van God voelen in ons bloed.
Zichzelf te zien en God te voelen
doet ons keren naar Gods wil,
die goedheid is en liefde en hoop en vertrouwen.
Bij het bidden leggen we de leugen af,
omdat we ons woord leggen op Gods Woord,
onze daden spiegelen aan Gods Grote Daden.
Van bidden móet je beter worden.
Wie niet beter wordt van het gebed, heeft zichzelf aanbeden
en niet de Gever van alle goeds.
Of je 'gezonder' wordt, is niet de vraag
-je mag bidden om genezing-
maar de vraag luidt: word ik een beter mens?

Mark Van de Voorde

dinsdag 26 februari 2013

Vasten-blog 15

27 februari 2013: dertiende dag van de veertigdagentijd

Marc Chagall
Abraham en 3 engelen

Het ignatiaanse gebed (1)Bekering midden het leven
Ignatius was heel dynamisch en ondernemend en stond met zijn twee voeten op de de grond. Na zijn bekering stelde hij zich de vraag: Waar gaat het nu met mijn leven heen?" Hij kon die vraag enkel biddend beantwoorden omdat zijn bekering vertrok vanuit de ontdekking dat God iets te maken had met zijn leven en met zijn levenswijze. Zo bracht hij de twee polen - God en het leven- samen in het gebed.
Innerlijk en uiterlijk tot eenheid
Het ignatiaanse gebed vertrekt niet van het verlangen om uit alle drukte weg te vluchten en tot rust te komen. Het zoekt evenmin om zichzelf terug te ontdekken in de versnipperde aandacht, die aan zovele zaken wort besteed. Deze kenmerken mogen er deel van uitmaken, maar het gebed zelf is er niet op gericht. Het gebed wil wat buiten en in je leeft tot eenheid brengen; de plannen die gemaakt worden en degene die je uitvoert, in harmonie houden met je diepste kern, daar waar God met jou bezig is.
Naar God en naar jezelf
Twee voorwaarden moeten vervuld worden om tot die eenheid te komen: een naar God, de andere naar jezelf. Je moet jezelf helemaal los kunnen laten en toevertrouwen aan God:"Neem, Heer, en aavaard heel mijn vrijheid, mijn geheugen, mijn verstand en heel mijn wil, alles wat ik heb en bezit. U hebt het mij gegeven, aan U, Heer, geef ik het terug. Ales is van U, beschik erover geheel volgens uw wil. Geef dat ik U mag liefhebben. Die genade is mij genoeg." Dit is het aflsuitend gebed van Ignatius' 'gesstelijke oefeningen'. Dit is heel betekenisvol. Het toont aan dat je niet meteen tot volledige overgave komt. Je meot je die houding eigen maken.het belangrijkste is dat je dat inziet en ernaar verlangt. Dat verlangen zal je gebed veel sterker ondersteunen dan een gesimuleerde houding die je je nog niet eigen hebt gemaakt. Met dat verlangen sta je in de waarheid; met jezelf iets aan te matigen, niet. Je komt pas tot gebed als je in je waarheid staat, niet als je in een illusie leeft.
Wauthier de Mahieu,sj.


http://www.bijbel.net/ evangelielezing

maandag 25 februari 2013

Vasten-blog 14

26 februari 2013: twaalfde dag van de veertigdagentijd


De bekering bestaat erin
zich terug te wenden naar Christus en zijn evangelie,
zoals men terugkeert naar een geliefde
die men uit het oog verloren was
en een tijdlang had verlaten.

Christenen wenden zich tot Christus omdat zij weten,
zelfs al weren ze het een tijdlang vergeten,
dat zij bij Hem woorden kunnen plukken die leven geven.
Zij worden zich weer bewust van de trouw
die hen aan Christus bindt, wiens naam zij dragen.
Ze beseffen dat ver van het evangelie
de wegen van hun bestaan verloren lopen,
en, vooral, zich verwijderen van de vreugde.

Deze bekering duurt heel wat langer
dan de Vastentijd!
Door deze bekering worden
alle verborgen gebieden,
-waar iedereen brandt van verlangen,
zijn plannen en daden voorbereidt
en zijn oordelen en uitspraken opmaakt-
terug in kaart gebracht.

Allen die zulke bekering in hun leven toelaten
kunnen er zeker van zijn:
gestaag en geduldig en voortdurend opnieuw
zal heel hun wezen veranderd worden.
Op het licht gericht.
Opgestaan.

http://www.bijbel.net/ evangelielezing

Vasten-blog 13


25 februari 2013: elfde dag van de veertigdagentijd

Heer, we zijn net wakker.
Er zit nog slaap in onze ogen
maar met onze lippen verkondigen we meteen uw lof.
Wij loven en prijzen U, wij aanbidden U.
Wij, dat is de aarde, het water en de hemel.
Dat is het gras, dat zijn de struiken en de bomen.
Dat zijn de vogels en alle andere dieren.
Dat zijn de mensen hier op aarde.
Alles wat U geschapen hebt,
verheugt zich over de zon en over uw genade
en koestert zich daarin.
De dauw schittert op de grassprietjes,
de nevel hangt nog in de bomen:
en de zachte wind belooft een goede dag.
Mogen wij niet blij zijn
om alles wat U geschapen hebt?
Daarom zijn we zo opgewekt in deze vroege morgen, Heer.
Help ons, dat we de uren en minuten niet door de vingers laten glippen,
maar dat we in uw tijd leven.
morgengebed



http://www.bijbel.net/ evangelielezing